Doorgaan naar hoofdcontent

Posts

Posts uit januari, 2014 weergeven

Planten water geven, gebaseerd op de oude wollen draad, plus de planten couveuse

Boven de fles in doorgesneden, en het bovengedeelte is onderste boven in de fles geduwd. De lont is van wol.De planten couveuse de stekken hebben hier 6 weken zonder water in gezeten, en zijn nu goed genoeg geworteld

    Hier op onderstaande foto is de wortel ontwikkeling goed te zien
            Hier de planten in de fles met waterreservoir bij deze foto
 de plantencouveuse, een afgesloten pot met wat water ik heb er water ingedaan en het er meteen weer uitgegoten En de deksel er op en dicht! Na 6 weken geen water waren de stekken nog goed. En is ook goed te zien dat de pot helder blijft

schets oefeningen

naakte voeten, witte zand

Karma, gehuld in een donkere wolk van geiten haren stof loopt zij de berg op. Karma Liet is haar naam. Al is zij kuis toch kijken de mannen haar na, naar haar naakte voeten, en haar heupen die de donkere mantel doen bewegen. Niemand weet haar naam, zij lijkt jong, hoe zij op en neer de berg opgaat. Soms met een kan of een mand op haar hoofd, altijd bedekt door een zwarte kap. In het helle licht, het stof van het witte zand van het pad, dat bij elke voetstap in kleine wolkjes omhoog komt, alsof het  boven de grond drijft. In de schaduw gezeten kijken de mannen schijnbaar onbeweeglijk toe, met gezicht door de brede rand van de grote hoeden half verhuld. Wat denken zij, wat gaat er aan gedachtes door hen heen. Het blijft stil, verder beweegt er niets, geen vogel, geen geluid. De zon staat op zijn hoogst, men wacht, en zwijgt. Op wat? Op het invallen van de avond, een bries, een zuchtje wind, wat verkoeling? Van af de berg verbreekt het geluid van de bel van het karmelieten klooster de s…

Kort verhaal.

Eeuwigheid, het enige wat in mij opkomt is dat ik hier al te lang sta in de sneeuw, ijzig blauw en wit verblindend bijna, een heldere blauwe lucht, de wind is als duizenden koele naalden in mijn gezicht.Ik kijk met een lege blik in de ijzige verte. Ik ken deze plek nog van de zomer, daar reiken een paar nu schriel lijkende berkenbomen naar de hemel, het voorheen groene gras is nu bedekt door de sneeuw, het meer waar ik nog heb gezwommen bedekt met ijs en heuvels van sneeuw door de wind.  Mijn hand, glijdt uit mijn jaszak en reikt, terwijl ik mijn hoofd draait, kijk naar de teugel van Aravaita mijn paard. Die daar net als mij ombeweeglijk staat. Ik draai mij verder om en veer op van de grond, een halve draai, in de lucht, land en klem meteen mijn benen om de sterke ribben, Aravaita de zwarte hengst  gaat meteen met een enorme sprong over in galop